Van der Tol wil met behulp van groene oplossingen de stad groener, gezonder en leefbaarder maken. Bijvoorbeeld door het bevorderen van de biodiversiteit, effectief (her-)gebruik van (regen)water, het tegengaan van de opwarming van de stad en het verbeteren van het binnenklimaat, alles binnen het kader van haar EcoStad-visie. Kavel O in Amsterdam Sloterdijk is een perfect visitekaartje hiervoor en laat zien hoe architectuur en groen elkaar versterken in de stedelijke ruimte.
Kavel O is een project van Ontwikkelcombinatie ERA Contour en BPD. De Zwarte Hond maakte het ontwerp voor de woontoren, terwijl Bouwbedrijf M.J. de Nijs en Zonen B.V. verantwoordelijk is voor de bouw. In opdracht van deze aannemer realiseerde Van der Tol de groene plantenbakken aan de gevels, groene daktuinen en het bewaterings- en irrigatiesysteem.

“Wij zijn al in de ontwikkelfase benaderd door BPD | Bouwfonds Gebiedsontwikkeling. Zij was erg gecharmeerd van het dakbos bovenop Depot Boijmans Van Beuningen, dat wij in 2018 gerealiseerd hebben”, vertelt Gert-Jan Middelie, Projectmanager bij Van der Tol. “Konden wij ook meedenken over de groene oplossingen voor Kavel O? In een bouwteam met de ontwikkelaar en architect hebben wij meegedacht over het groen op en aan het gebouw, zodat een stepping stone voor biodiversiteit ontstaat. Maar ook over een slimme oplossing voor beregening en irrigatie. Ambitie was om geen water van het gebouw af te voeren naar het gemeenteriool. Maar ook om zoveel mogelijk water op te slaan en vast te houden voor het bewateren van de planten. Daarom is al in een vroeg stadium berekend hoeveel opslagcapaciteit nodig was om – volgens de Strategie Klimaatadaptatie van de gemeente Amsterdam – een regenbui van 60 mm op te kunnen vangen én om zes weken droogte in de zomer te overbruggen.”
“Al het regenwater dat op het project valt, komt samen in de kelder”, vertelt Middelie. “Hier is een groot waterreservoir van 270 kuub (270.000 liter) gerealiseerd. Hiervan wordt ongeveer de helft vastgehouden om de genoemde zes weken droogte te kunnen overbruggen. Is er geen bewateringsbehoefte dan wordt het overtollige water weggepompt naar een infiltratieveld onder de begane grond, waar het kan wegzakken in de ondergrond en weer wordt toegevoegd aan het grondwater.”

“Op het gebouw is een drietal daktuinen ingericht met elk hun eigen beplantingsplan”, vertelt Middelie. “Ook hebben wij vierhonderd meter aan groene plantenbakken gerealiseerd. De aluminium bakken zijn circa 2,5 tot 3 meter lang en volledig 3D uitgetekend. Op onze locatie in Amsterdam zijn de bakken prefab voorzien van een drainagesysteem, filtervlies, substraat en hijsvoorzieningen. Bovendien zijn de bakken van tevoren ingeplant met vaste planten, hangende planten en kleine heesters, waarna zij door de aannemer zijn opgehaald en direct op de juiste plekken aan de gevels zijn geplaatst.” Voor de beplanting is gebruik gemaakt van die beplantingsschema’s, met meer zonneminnende planten, schaduwminnende planten en een halfschaduwmengsel, afhankelijk van hun positie aan de gevel.
Om te zorgen dat bewoners zo lang mogelijk van het groen kunnen genieten, zijn de plantenbakken per verdieping voorzien van sensoren. Ditzelfde geldt voor de daktuinen. “Hierdoor kunnen we op afstand zien of er meer of minder water nodig is”, aldus Middelie. “In de kelder staat een grote kast met technieken, vanaf waar maar liefst dertig sensorkabels en dertig leidingen als een soort spinnenweb door het gebouw gaan. Dat maakt Kavel O een heel bijzonder project.” In navolging van het advies en de uitvoering, staat Van der Tol ook in voor het groenonderhoud.