Duurzaamheid in de gevelbouw is al jaren een thema. Het zit in het ontwerp, de materiaalkeuze en elke wijziging onderweg. Pieter Bas Bovee, technisch directeur bij Wijnveen Aluminiumbouw, ziet de lat snel hoger gaan. Het gaat niet langer alleen over ambities, maar ook over nieuwe oplossingen en sterke samenwerkingen in de hele keten. “Hoe duurzamer, hoe beter.”
Bij veel projecten wordt meer gevraagd van gevelsystemen, ziet Bovee. Denk aan triple glas of extra isolatie. Dat heeft direct invloed op het gevelsysteem. Meer gewicht betekent vaak dikkere profielen en andere detaillering. Tegelijk is er ook een beweging naar efficiëntere oplossingen. Soms blijkt isolatieglas al ruim voldoende, waardoor een extra ruit niet nodig is. “Dat scheelt materiaal en massa en kan de duurzaamheidsscore verbeteren.”

Bovee ziet dat steeds vaker terug. Een wijziging in de planning lijkt klein, maar kan grote gevolgen hebben. Hij herinnert zich Kavel F in Amsterdam, een project bij het UMC, ontworpen door UNStudio. “In de offerte is al precies vastgelegd hoeveel glas er in de gevel zit, hoeveel vierkante meter en welke diktes. In het bouwteam volgen daarna vaak ontwerpaanpassingen. Een architect wil toch grotere ruiten of andere hoekstukken. Dat lijkt soms een kleine wijziging, maar kan grote gevolgen hebben voor de prestaties en milieuscore. Dan moet je terug naar de eisen en opnieuw toetsen op onder meer de MPG. Voldoet het, dan kan het, anders niet.”
Ook in de materiaalkeuze verschuift veel. Bij Parel in de Polder werkte Wijnveen bijvoorbeeld met (ultra)low carbon aluminium. “We zien wel duidelijk: wat eerder uitzonderlijk was, wordt stap voor stap normaler. Gerecycled glas en specifieke beglazing, zoals Categorie 1, horen daar ook bij.” Wijnveen stelt daarom duidelijke eisen aan leveranciers. Denk aan NEN-normeringen en het aanleveren van productdata. Bovee merkt dat ketensamenwerking daarbij belangrijker wordt. “Het lukt alleen als alle partijen dezelfde kant op bewegen. Als wij het alleen willen en de rest niet, dan redden we het niet. Gelukkig zien we dat iedereen de toegevoegde waarde ziet.”

Volgens Bovee stopt de ontwikkeling dan ook niet hier. “Dit blijft doorgaan. De eisen worden ambitieuzer en de markt went aan de hogere ambities.” Tegelijk ligt er een praktisch probleem: aluminium is bijvoorbeeld goed recyclebaar, maar er is niet genoeg gerecycled aluminium om alles volledig circulair te maken. “Dat zet de sector voor een keuze. Ga je voor een paar projecten op topniveau, of ga je naar een stevige basis die overal gehaald wordt?” Daarnaast is er meer aandacht voor demontabel bouwen en voor het beperken van bijvoorbeeld lijmen, kitten en folies die minder goed zijn voor het milieu. “Ook het upgraden van bestaande gevels wordt relevanter. Niet altijd slopen en vervangen, maar kijken wat je kunt verbeteren binnen bestaande profielen.” De gevelbouw wordt daarmee steeds meer een vak van rekenen, afwegen en vooruitdenken. En die ontwikkeling gaat voorlopig door.