In de Eindhovense wijk Woensel hebben de karakteristieke Pastoor van Arskerk en naastgelegen pastorie een nieuwe bestemming gekregen. De monumentale kerk uit 1929 is getransformeerd tot Philomenahof: een levendig woonhof met veertig woningen voor ouderen met een intensieve zorgvraag. Met deze herbestemming blijft niet alleen een beeldbepalend stuk erfgoed behouden, maar krijgt het gebouw ook opnieuw betekenis als woon-, leef- en ontmoetingsplek voor de buurt.
De transformatie laat zien hoe erfgoedbehoud en de groeiende behoefte aan passende ouderenhuisvesting elkaar kunnen versterken. Waar de kerk jarenlang een belangrijke maatschappelijke functie vervulde, biedt het gebouw nu ruimte aan bewoners die graag in hun vertrouwde omgeving blijven wonen.

“Met de transformatie van de Pastoor van Arskerk blijft een belangrijk stuk erfgoed voor Eindhoven behouden”, vertelt Anja van den Borne, oprichter en algemeen directeur van Comfor, dat de zorg binnen Philomenahof verzorgt. “De kerk heeft een rijke maatschappelijke historie en is een prachtig, karakteristiek monument. Dat past heel goed bij onze doelgroep. Veel bewoners zijn hun leven lang aan de kerk verbonden geweest: van doop tot communies, trouwerijen en het laatste afscheid. Het gebouw zorgt daardoor voor herkenning en verbondenheid, maar ook voor sfeer en een goed gevoel. Thema’s die wij als Comfor heel belangrijk vinden.”
Voor het ontwerp zocht Comfor de samenwerking met Pauwert Architectuur, dat ruim ervaring heeft met transformatieopgaven en monumentale gebouwen. “Samen hebben we al meerdere projecten uitgevoerd”, vertelt algemeen directeur Henk Schoones. “En ook ons eigen kantoor is een mooi voorbeeld. Dat was ooit de oudste boerderij van Eindhoven. We hebben het gebouw een eigentijdse bestemming gegeven, met behoud van de historie en karakteristieke elementen. Diezelfde opgave lag hier voor ons: hoe geef je een bestaand gebouw opnieuw betekenis, zonder het karakter ervan te verliezen?”

Het bureau begon daarom met een grondige analyse van de kerk. “We hebben eerst goed gekeken naar hoe de kerk is opgebouwd en welke elementen het meest waardevol zijn”, vertelt architect Daniek Reijnders. “Onze belangrijkste opgave was het behouden van de monumentale waarden. Maar ook om het nieuwe programma op een vanzelfsprekende manier in het gebouw te laten landen. Het gaat immers óók om comfortabel wonen en leven. Daarbij spelen aspecten als akoestiek, daglicht en thermische schil, maar ook maakbaarheid en betaalbaarheid een belangrijke rol.”

Aan de voorzijde van de kerk zijn geen zichtbare ingrepen uitgevoerd. En ook de oorspronkelijke ruimtelijkheid van de kerk bleef zoveel mogelijk intact. “De centrale beuk biedt ruimte aan gezamenlijke voorzieningen en ondersteunende functies, terwijl het voormalige altaar en koor getransformeerd zijn tot open en lichte en ontmoetingsruimten waar bewoners, bezoekers en medewerkers kunnen samenkomen. Deze ruimtes zorgen echt voor een wow-beleving en verbindende kracht.” De zijbeuken zijn ingericht met de woonzorgstudio’s. “De eerste verdieping beschikt over prachtige spitsboogramen, die tijdens de transformatie zijn behouden, terwijl in de gesloten gevel op de begane grond steeds drie verticale ramen per studio zijn toegevoegd. Door de ramen te omlijsten met een kader, is heel duidelijk dat dit een nieuwe toevoeging betreft, terwijl het kleurgebruik tegelijkertijd zorgt voor harmonie.”
Ook het interieur is ontworpen met respect voor het bestaande gebouw. “We hebben gekozen voor een reversibele toevoeging, met losse volumes die zich ondergeschikt maken aan de robuuste baksteenarchitectuur en indrukwekkende kerkruimte”, aldus Reijnders. “Zo blijft de geschiedenis van het gebouw zichtbaar, terwijl het tegelijkertijd voldoet aan de hedendaagse eisen voor comfort, akoestiek, duurzaamheid en zorg.” De inrichting en kleurstelling zijn afgestemd op de beleving van de bewoners. Comfor bepaalde zelf het kleurenpalet. Van den Borne: “De gezamenlijke voorzieningen in het kerkgedeelte kregen een warme rozerode tint, terwijl de gangen zijn uitgevoerd in natuurlijk blauw en groen. Door elke verdieping een eigen kleur te geven, wordt de oriëntatie voor bewoners bevorderd en ontstaat meer herkenning.” Reijnders: “Bijzonder is dat in iedere gang oude elementen van de kerk zichtbaar zijn gebleven. Bewoners kunnen overal in het gebouw de oudheid van de kerk ervaren.”

Voor Van den Borne is juist de verbinding tussen verleden en toekomst een belangrijke winst. “We zijn er trots op dat we het gebouw op een goede manier hebben kunnen transformeren”, vertelt ze. “Niet alleen architectonisch, maar ook functioneel en warm. Met Philomenahof kunnen we echt de verbinding leggen tussen stad, wijk en bewoners.” Die maatschappelijke betekenis wordt breed erkend, ook door de gemeente. “Je voelt dat dit project ertoe doet en breed wordt gedragen.”
Volgens Schoones was de bruikbaarheid gedurende het hele proces een belangrijk uitgangspunt. “We hebben steeds de haalbaarheid en maakbaarheid onderzocht. Dat heeft geleid tot een gebouw dat niet alleen mooi is, maar vooral ook goed werkt.” Reijnders vult aan: “Uiteindelijk hebben we gezocht naar de balans tussen erfgoedwaarde en bruikbaarheid. Daarvoor is ook lef van de opdrachtgever nodig.” Met lef, respect en visie heeft de kerk zo een nieuwe toekomst gekregen.